In het tweede kwartaal van 2020 was het ziekteverzuim onder werknemers in de branche verpleging, verzorging en thuiszorg 7,9 procent. Dat is het hoogste percentage in het tweede kwartaal sinds 2010, het begin van de meting per branche. Behalve in de jeugdzorg was het verzuimpercentage in alle branches van de sector zorg en welzijn gelijk aan of hoger dan in hetzelfde kwartaal een jaar eerder. Dit blijkt uit nieuwe cijfers van het CBS. In het tweede kwartaal was het ziekteverzuim onder werknemers in de gehele sector zorg en welzijn 6,2 procent. Het betekent dat 62 van elke duizend te werken dagen zijn verzuimd wegens ziekte. Net als in het eerste kwartaal had zorg en welzijn het hoogste ziekteverzuim van alle bedrijfstakken. Bovendien was het verzuimpercentage het hoogste van alle tweede kwartalen sinds 2003.
Branches met hoogste verzuim
In vijf branches binnen de sector zorg en welzijn werd aanzienlijk meer verzuimd dan in dezelfde periode een jaar eerder:
* de verpleging, verzorging en thuiszorg (+1,1 procentpunt),
* huisartsen en gezondheidscentra (+0,8 procentpunt),
* kinderopvang en overige zorg en welzijn (beide +0,6 procentpunt).
Piek eerste kwartaal houdt aan in de verpleging, verzorging en thuiszorg
Het ziekteverzuim kent een seizoenspatroon. In het eerste kwartaal (de winter) ligt het verzuimpercentage doorgaans hoger dan in de rest van het jaar. In de verpleging, verzorging en thuiszorg was dit jaar het percentage in het eerste en tweede kwartaal echter nagenoeg gelijk (respectievelijk 8,0 en 7,9 procent). In geen van de andere branches is het verschil met het eerste kwartaal zo klein.
Voor de hele sector zorg en welzijn ligt het verzuim in het tweede kwartaal 0,5 procentpunt lager dan in het eerste kwartaal: van 6,7 naar 6,2 procent.